De revalidatie

Lees hier alles over de voorbereiding en revalidatie na een standbeencorrectie, halve of totale knieprothese en revisie van de prothese.

Standbeencorretie | Osteotomie

Waarom helpt preoperatief trainen?

Het principe is heel simpel: better in, better out.

Lees meer

Mensen met artrose hebben wisselend, maar meestal meerdere maanden of jaren knieklachten. Het lichaam wil mobiel blijven en zoekt naar oplossingen om te kunnen blijven bewegen. 

Compensatie:
Langdurige pijn in de knie resulteert in aangepast bewegen. Het is een goede strategie van het lichaam, want hierdoor kan je blijven bewegen. Op de langer termijn kunnen hierdoor echter klachten ontstaan aan andere gewrichten (rug, heup en schouders)

Ontsteking:
Artrose in de knie veroorzaakt ontstekingsreacties (zonder bacteriën) in de knie. Een ontsteking gaat samen met een zwelling van het gewricht. Vocht in de knie heeft een negatief effect op de bovenbeenspieren. Hierdoor vermindert de kracht, stabiliteit en coördinatie van de knie.

Mobiliteit:
Artrose resulteert in stijfheid van de knie. Het buigen en strekken kunnen hierdoor beperkt zijn. 

Oefenen:
Voor een sneller en beter herstel is het belangrijk om vóór de operatie met bovengenoemde factoren aan de slag te gaan. Gericht oefenen helpt het gecompenseerd bewegen te verminderen en de bovenbeenspieren te versterken. Door mobilisaties kan de buiging en strekking verbeteren. De knie heeft de vervelende eigenschap om na de operatie weer te verstijven in de positie van voor de operatie. De uitkomst van de operatie zal gedeeltelijk afhangen van een goede mobiliteit en symmetrie tijdens het lopen en staan. 

De fysiotherapeut kan helpen met oefeningen, mobilisaties en tips ter voorbereiding op de operatie.

Het is belangrijk om op de hoogte te zijn van de leefregels en verwachtingen na de operatie. Vraag je fysiotherapeut of arts naar de voor jouw specifieke situatie.

Denk hierbij aan de volgende zaken:
Wat zijn de leefregels?
Welke oefeningen moet je doen?
Op welke symptomen moet je letten?
Hoe loop je met krukken?

Maar ook praktische zaken als:
Hoe lang kan je niet werken?
Wanneer mag je weer buiten fietsen?
Wanneer mag je weer autorijden?
Welke sporten kan je straks weer doen?

Tip:
Ben je te zwaar dan is het verstandig onder begeleiding van een diëtist gewicht te verliezen. Elke kilogram die je voor de operatie kan kwijtraken is winst. Bij een BMI >38 wordt er geen operatie uitgevoerd.
Indien je rookt is dit het moment om te stoppen. Roken heeft een negatief effect op de circulatie en herstel. 

De operatieve mogelijkheden zijn:
– Osteotomie
– Halve of totale knieprothese
– Nettoyage (uitzondering)

Voor meer informatie over de operatie kijk op kniechirurgie.nl

Wat kan je verwachten van de revalidatie?

De revalidatie start in het ziekenhuis waarbij de basisprincipes en oefeningen worden uitgelegd. Bij thuiskomst start je dezelfde week met je eigen fysiotherapeut. Je krijgt gerichte oefeningen om de buiging en strekking te verbeteren, spieren te trainen en weer te leren lopen. 

De behandelingsfrequentie is één tot drie keer per week voor drie tot twaalf maanden.

Lees meer

Houd er rekening mee dat revalideren tijd kost. 3 tot 12 maanden is nodig voor het optimale herstel van de knie. De revalidatie gaat niet vanzelf en je zal zelf hard aan je herstel moeten werken. De behandelfrequentie is één tot drie keer per week. Hierbij doorloop je een aantal fases waarbij de fysiotherapeut je zal begeleiden. 

Fase 1: herstel van de wond, de mobiliteit en spierfunctie. Focus is herstel van de ADL-activiteiten.
Fase 2: het verder verbeteren van de mobiliteit en starten met functionele oefeningen.
Fase 3: gericht op de persoonlijke doelstellingen de oefentherapie opbouwen.
Fase 4: eventueel de sportfase waarbij specifiek getraind wordt op je sport. 

In het ziekenhuis:
Of je dezelfde dag na de operatie alweer naar huis mag, hangt af van het beleid dat het ziekenhuis voert. Verblijf je in het ziekenhuis dan leer je samen met de fysiotherapeut lopen met krukken, traplopen, transfers maken in en uit bed, het gecontroleerd buigen en strekken van de knie en oefeningen voor thuis. 

De oefeningen voor thuis bestaan uit mobiliteit (buigen/strekken), spieren versterken en het circuleren van het been. In het begin mag je alleen aantippend lopen op de krukken (5-10% lichaamsgewicht op het been).

Naar huis:
Zodra je thuiskomt, neemt je eigen fysiotherapeut de begeleiding over. Het is aanbevolen om dezelfde week te starten (tenzij anders geadviseerd vanuit het ziekenhuis)

Wat kan je verwachten: 
Een intensieve revalidatie waarbij de focus ligt op het verbeteren van de mobiliteit en kracht. Hierbij is het belangrijk rekening te houden met de belastbaarheid van de knie, die in het begin van de revalidatie laag zal zijn. De behandelfrequentie zal één tot drie keer per week zijn. 

Korte termijn doelstellingen zijn:
– Verbeteren van de buiging en strekking (volledig strekken tot 0 graden en buiging tot 90 graden).
– Verbeteren van de controle en kracht van de bovenbeenspieren.
– Oefeningen ter bevordering van de circulatie van het onderbeen (je zit immers een groot deel van de dag stil)
– Voorkomen van secundaire klachten (lang stil zitten/liggen geeft stijfheid en klachten van de rug, heup en eventueel enkel of andere gewrichten) Als fysiotherapeut behandel je niet alleen de knie, je revalideert de mens als geheel.
– Loopscholing met krukken aantippend lopen.

Na 2 weken start je met fietsen op de hometrainer en geleidelijk worden de oefeningen opgebouwd. De strekking in deze fase moet volledig zijn en buiging neemt door het fietsen geleidelijk verder toe. Probeer meerdere keren per dag te fietsen. 

In overleg met je fysiotherapeut mag je;
– Na 6 weken starten met buiten fietsen (hometrainer zodra 100-110 graden buiging gehaald wordt).
– Na 6 weken zwemmen
– Na 6-12 weken autorijden.
– Na 6 weken met het openbaar vervoer.
– Na 3-4 maanden tennissen.
– Na 3-4 maanden licht tot zwaar werk verrichten.

Algemene tip:
Doe de revalidatie bij een gespecialiseerde fysiotherapeut. De fysiopraktijk moet over voldoende faciliteiten beschikken om te oefenen en trainen. Daarnaast is het prettig om te revalideren met gelijkgestemden die dezelfde operatie hebben gehad. Een revalidatie van 3 tot 12 maanden is lang en het sociale aspect en de trainingsomgeving bieden voldoende uitdaging. Het is fijn om van iemand die al een paar maanden verder is, te horen dat de pijntjes die je nu voelt over enige tijd verbeteren. 

Tot slot:
Houd er rekening mee dat iedereen herstelt op zijn eigen tempo. Van invloed hierop zijn de status van de knie vóór de operatie, trainingservaring, maar ook simpelweg de biologie. Ieder mens is anders.

Wat zijn de resultaten van een osteotomie?

Na de operatie en revalidatie in het merendeel tevreden.

Lees meer

De pijn is afgenomen dan wel verdwenen. In het dagelijks leven is wandelen, traplopen en het uitvoeren van sportactiviteiten mogelijk. Het soort sport, niveau en intensiteit zal hierbij wel uitmaken. Teamsport en (lang)hardlopen is één meestal niet mogelijk en ook niet verstandig. Om spaarzaam met het gewricht om te gaan is fietsen, zwemmen, schaatsen en fitness beter om te doen. Na verloop van tijd kan de pijn door artrose geleidelijk toch weer toenemen. Een knieprothese kan dan een mogelijkheid zijn.

Wat zijn de risico’s van een standbeencorrectie?

Neem de tijd voor je herstel en luister goed naar je fysiotherapeut. Houd je aan de richtlijn van de revalidatie. 

Voorkomende klachten tijdens je revalidatie kunnen zijn:
– Een stijve knie met buigen en/of strekken.
– Aanhoudende pijnklachten die niet goed reageren op fysiotherapie
– Pijnklachten rond de knieschijf (veel voorkomend, maar goed te behandelen)
– Overbelaste knie door te hoge belasting in het dagelijks leven
– Te progressieve opbouw van de trainingsbelasting
– Uitglijden of vallen (natte ruimtes)

Deze knieoperatie is een bewuste keus en daar hoort revalideren bij. Het is zes tot twaalf weken gedisciplineerd de leefregels en huiswerk oefeningen volgen om het beste effect van de operatie te behalen. Na deze periode is de cruciale fase voorbij en is het belangrijk om verder fit te worden.

Lees meer

Neem in onderstaande gevallen altijd contact op met je behandelend arts: 
– Staan op het been niet meer mogelijk, terwijl dit eerder goed ging. 
– Koorts boven de 38,5 graden Celsius. 
– De knie wordt abnormaal dik en gaat meer pijn doen. 
– De kuit is dik, rood, pijnlijk en warm (mogelijk trombosebeen). 
– Als je het om andere redenen niet vertrouwt.

Halve- totale knieprothese

Waarom helpt preoperatief trainen

Het principe is heel simpel: better in, better out.

Lees meer

Mensen met artrose hebben wisselend, maar meestal meerdere maanden of jaren knieklachten. Het lichaam wil mobiel blijven en zoekt naar oplossingen om te kunnen blijven bewegen. 

Compensatie:
Langdurige pijn in de knie resulteert in aangepast bewegen. Het is een goede strategie van het lichaam, want hierdoor kan je blijven bewegen. Op de langer termijn kunnen hierdoor echter klachten ontstaan aan andere gewrichten (rug, heup en schouders)

Ontsteking:
 Artrose in de knie veroorzaakt ontstekingsreacties (zonder bacteriën) in de knie. Een ontsteking gaat samen met een zwelling van het gewricht. Vocht in de knie heeft een negatief effect op de bovenbeenspieren. Hierdoor vermindert de kracht, stabiliteit en coördinatie van de knie.

Mobiliteit:
Het gewricht is over de maanden/jaren stijver geworden bij het buigen en strekken. Niet goed kunnen strekken is voor het dagelijks leven hinderlijk bij het staan en lopen (lees gecompenseerd bewegen). In aanloop naar een knieoperatie is het belangrijk om de strekking en buiging zoveel mogelijk te optimaliseren. Na de operatie is de knie geneigd om weer te verstijven in de stand van vóór de operatie.

Het is belangrijk om op de hoogte te zijn van de leefregels en verwachtingen ná de operatie. Vraag je fysiotherapeut of arts naar de voor jouw specifieke situatie.

Denk hierbij aan de volgende zaken:
– Hoe lang kan je niet werken?
– Wanneer mag je weer buiten fietsen?
– Wanneer mag je weer autorijden?
– Hoe veel moet je oefenen, etc?

De fysiotherapeut kan helpen met oefeningen, mobilisaties en tips om je zoveel mogelijk voor te bereiden. Zoek dus een fysiotherapeut met voldoende ervaring en specialisme in de knierevalidatie bij artrose, standbeencorrectie en knieprothese.

Tips:
Ben je te zwaar dan is het verstandig onder begeleiding van een diëtist gewicht te verliezen. Elke kilogram die je voor de operatie kan kwijtraken is winst. Bij een BMI >38 wordt er geen operatie uitgevoerd.
Indien je rookt is dit het moment om te stoppen. Roken heeft een negatief effect op de circulatie en herstel. 

Voor meer informatie over de operatie kijk op  kniechirurgie.nl

wat kan je verwachten van de revalidatie?

De revalidatie start in het ziekenhuis waarbij de basisprincipes en oefeningen worden uitgelegd. Bij thuiskomst start je dezelfde week met je eigen fysiotherapeut. Je krijgt gerichte oefeningen om de buiging en strekking te verbeteren, je spieren te trainen en weer te leren lopen. 

De behandelingsfrequentie is één tot drie keer per week voor drie tot twaalf maanden.

Lees meer

Revalideren kost tijd (3-12 maanden). De revalidatie gaat niet vanzelf en je zal zelf hard aan je herstel moeten werken. Twee tot drie keer per week fysiotherapie is de norm. Probeer hiermee rekening te houden in je persoonlijke agenda. Je doorloopt gedurende je revalidatie een aantal fases waarbij de fysiotherapeut je zal begeleiden. 

Fase 1: herstel van de wond, de mobiliteit en spierfunctie. Focus is herstel van de ADL-activiteiten.
Fase 2: het verder verbeteren van de mobiliteit en starten met functionele oefeningen.
Fase 3: gericht op de persoonlijke doelstellingen de oefentherapie opbouwen.
Fase 4: eventueel de sportfase waarbij specifiek getraind wordt op je sport. 

Na de operatie verblijf je meestal meerdere dagen in het ziekenhuis. De duur verschilt enigszins per ziekenhuis en hangt af van het herstel. In het ziekenhuis kan je herstellen en leer je samen met de fysiotherapeut lopen met krukken, traplopen, transfers maken in en uit bed, het gecontroleerd buigen en strekken van de knie en je krijgt oefeningen voor thuis. De oefeningen voor thuis bestaan uit mobiliteit (buigen/strekken), spieren versterken en het circuleren van het been. 

Direct na de operatie mag je de knie belasten met twee krukken (50-100% lichaamsgewicht op het been).

Naar huis:
Zodra je thuis komt neemt je eigen fysiotherapeut de begeleiding over. Het is aan te bevelen om dezelfde week te starten (tenzij anders geadviseerd vanuit het ziekenhuis)

Wat kan je verwachten:
– Verbeteren van de buiging en strekking (volledig strekken tot 0 graden en buiging tot 90 graden).
– Verbeteren van de controle en kracht van de bovenbeenspieren.
– Oefeningen ter bevordering van de circulatie van het onderbeen (je zit immers een groot deel van de dag stil). 
– Voorkomen van secundaire klachten (lang stil zitten/liggen geeft stijfheid en klachten aan de rug, heup en eventueel enkel of andere gewrichten). Als fysiotherapeut behandel je niet de knie, je revalideert de mens als geheel.
– Loopscholing met krukken gericht op symmetrie.

Na 2 tot 3 weken start je met fietsen op de hometrainer en worden de oefeningen geleidelijk opgebouwd. De strekking in deze fase moet volledig zijn en door het fietsen zal de buiging verder toenemen. 

In overleg met je fysiotherapeut:
– De eerste 6 weken lopen met twee elleboogkrukken.
– Na 6 weken starten met buiten fietsen (hometrainer zodra 100-110 graden buiging gehaald wordt).
– Na 6 weken zwemmen, maar in overleg met je arts.Na 6-12 weken autorijden (eerder mag niet i.v.m. de aansprakelijkheidsverzekering).
– Na 6 weken met het openbaar vervoer.
– Na 3-4 maanden licht tot zwaar werk.
– Na 4-6 maanden starten met licht intensief sporten.

Algemene tip:
Doe de revalidatie bij een gespecialiseerde fysiotherapeut. De fysiopraktijk moet over voldoende faciliteiten beschikken om te oefenen en trainen. Daarnaast is het meestal prettig om te revalideren met gelijkgestemden die dezelfde operatie hebben gehad. Een revalidatie van 3 tot 12 maanden is lang en het sociale aspect en de trainingsomgeving bieden voldoende uitdaging. Het is fijn om te horen van iemand die al een paar maanden verder is, dat de pijntjes die je nu voelt over enige tijd verbeteren.

Tot slot:
hou er rekening mee dat iedereen herstelt op zijn eigen snelheid. Van invloed hierop zijn de status van de knie vóór de operatie, trainingservaring, maar ook simpelweg de biologie. Ieder mens is anders. 

Wat zijn de resultaten van een knieprothese?

De meerderheid is tevreden met hun knieprothese. De uitkomst wordt mede bepaald door de ernst van klachten voor de operatie. De cliënten met veel pijnklachten en beperkingen in het dagelijks leven zijn positiever over het resultaat. Een knieprothese wordt daarom zo lang mogelijk uitgesteld.

Lees meer

De term ‘nieuwe knie’ schept verwachtingen. Om die reden wordt een knievervangende operatie een knieprothese genoemd. De meerderheid is tevreden met de knieprothese. De uitkomst wordt mede bepaald door de ernst van klachten vóór de operatie. Cliënten met veel pijnklachten en beperkingen in het dagelijks leven zijn positiever over het resultaat. Een knieprothese wordt daarom zo lang mogelijk uitgesteld.  

Een knieprothese voelt doorgaans niet als je eigen knie. De pijntjes en geringe stijfheid zijn normaal. De artrosepijn is wel verdwenen. Deelnemen aan sportactiviteiten is mogelijk, maar afhankelijk van het type sport, niveau en de intensiteit. 

Goede sporten zijn fietsen, zwemmen, wandelen, schaatsen, fitness en crosstrainen. Traplopen (vooral naar beneden), hurken en soms fietsen (door onvoldoende kunnen buigen) zijn activiteiten die moeizaam kunnen blijven. Een knieprothese slijt over de jaren en kan op een gegeven moment weer tot klachten leiden. Een revisie van de knieprothese is mogelijk, maar dit is een zware en complexe operatie. 

Houd rekening met een revalidatie van 3 tot 12 maanden en soms zelfs langer.

Wat zijn de risico’s van een knieprothese?

Neem de tijd voor je herstel en luister goed naar je fysiotherapeut. Houd je aan de richtlijn van de revalidatie. 

Voorkomende klachten tijdens je revalidatie kunnen zijn:
– Een stijve knie met buigen en/of strekken.
– Aanhoudende pijnklachten die niet goed reageren op fysiotherapie
– Pijnklachten rond de knieschijf (veel voorkomend, maar goed te behandelen)
– Overbelaste knie door te hoge belasting in het dagelijks leven
– Te progressieve opbouw van de trainingsbelasting
– Uitglijden of vallen (natte ruimtes) 

Deze knieoperatie is een bewuste keus en daar hoort revalideren bij. Het is zes tot twaalf weken gedisciplineerd de leefregels en huiswerk oefeningen volgen om het beste effect van de operatie te behalen. Na deze periode is de cruciale fase voorbij en is het belangrijk om verder fit te worden.

Lees meer

-Neem in onderstaande gevallen altijd contact op met je behandelend arts:
– Staan op het been niet meer mogelijk, terwijl dit eerder goed ging.
– Koorts boven de 38,5 graden Celsius.
– De knie wordt abnormaal dik en gaat meer pijn doen.
– De kuit is dik, rood, pijnlijk en warm (mogelijk trombosebeen).
– Als je het om andere redenen niet vertrouwt. 

‘Better save then sorry’

Revisie totale knieprothese

Wat zijn redenen voor een revisie?

Er zijn verschillende oorzaken om een revisie operatie te doen. De voornaamste redenen zijn loslating, infectie en levensduur.

Lees meer

Een knieprothese is onderhevig aan slijtage. De levensduur is gemiddeld 10 tot 15 jaar. De factoren die de levensduur beïnvloeden, zijn o.a. overgewicht en de intensiteit van belasting (sporten).

Een infectie:
De operatiewond wil niet herstellen, aanhoudende vocht lekkage, of een toenemende zwelling/roodheid van de geopereerde knie zijn tekenen van een infectie.


Verlittekening (arthrofibrose):
Het lichaam kan overmatig reageren met aanmaak van littekenweefsel. Het gevolg is een stijve knie. Met name de buiging, maar ook de strekking raakt beperkt.  

Loslaten van de prothese:
De knie gaat steeds meer pijn doen na een lange tijd goed te hebben gefunctioneerd. Ook een standsverandering is een tekenen van loslating van de prothese

Fractuur:
Fracturen rondom de prothese komen zelden voor, maar cliënten met osteoporose of hoogbejaarden hebben een groter risico op een breuk. 

Slijtage van de prothese:
Na verloop van jaren kan de knie in toenemende mate krakende geluiden en/of vocht produceren, dit zijn tekenen van slijtage van de prothese.

Slijtage van de prothese zonder klachten:
Het loslaten van de prothese gaat niet altijd samen met klachten. Toch heeft loslating direct effect op de kwaliteit van het botweefsel. Regelmatige controle bij je behandelend arts is daarom raadzaam. Met een röntgenfoto wordt de prothese en het omliggende bot gecontroleerd. 

Instabiliteit van de knie:
De knie kan instabiel zijn of een onzeker gevoel geven bij het belasten. Dit kan een indicatie zijn van problemen met de banden en pezen of de pasvorm van de prothese. 

Verkeerde plaatsing van de prothese:
De operatie wordt met de grootste zorg uitgevoerd. Toch kan er een standsafwijking zijn van de prothese. Blijvende pijnklachten en verminderd functioneren zijn mogelijke gevolgen.

Voor de meeste oorzaken geldt dat het risico klein is.

Welke onderzoeken worden gedaan bij een revisie?

De onderzoeken lopen uiteen van een gesprek (anamnese), lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek en aanvullend onderzoek (röntgen en/of CT-scan)

Lees meer

Er zijn verschillende oorzaken voor het falen van een knieprothese. Voordat een revisieoperatie wordt uitgevoerd, moet eerst onderzocht worden wat de oorzaak is. Een prothese met een infectie zal een andere benadering nodig hebben dan een prothese die loslaat.

Het onderzoek begint bij de anamnese (intakegesprek). Hieinj worden verschillende vragen gesteld om een mogelijke oorzaak voor het falen van de prothese te vinden. Denk aan een moeilijk helende wond of een niet adequaat revalidatietraject. De arts heeft na het gesprek voldoende aanknopingspunten om de knie gericht te onderzoeken. 

Hierna volgt het lichamelijk onderzoek De kniefunctie wordt beoordeeld, maar naast het buigen en strekken en de zijwaartse stabiliteit wordt ook gekeken naar de rest van het been (rug/heup/enkel). Bij de inspectie wordt gekeken naar tekenen van ontsteking, locatie van de pijn en naar het looppatroon. Het totaalbeeld geeft een goede indicatie voor het behandelplan.

Bloedonderzoek wordt gedaan om een infectie uit te sluiten. En röntgenonderzoek om de plaatsing en loslating te controleren. Daarnaast kan eventueel een CT-scan van de knie gemaakt worden om nog subtieler de knie te beoordelen.

Voor meer informatie over de operatie kijk op  kniechirurgie.nl

Wat zijn de resultaten van een revisie?

Een grote meerderheid van de cliënten is tevreden met de pijnvermindering en het herstel van de kniefunctie. De kans op restklachten is echter aanwezig. Aanhoudende pijnklachten en stijfheid zijn de meest gehoorde klachten. Bespreek de mogelijkheden met je orthopeed.

Lees meer

De knie kan na een revisie wat stijver zijn bij het buigen. Ook kan de knie pijnlijker blijven dan na de eerste knieprothese. Wees je ervan bewust dat de kans op complicaties groter is. Het risico op een (hernieuwde) infectie is aanwezig. Zoals eerder gezegd is het belangrijk de operatie goed te overdenken. De revisie is niet de enige mogelijkheid om de klachten te verminderen. Een kniebrace of een loophulpmiddel zijn simpele oplossingen. In een enkel geval is het verwijderen van de knieprothese de beste oplossing om de knie vast te zetten (arthrodese buigen en strekken is niet meer mogelijk).

Wat zijn de risico’s van een revisie

Voorkomende klachten tijdens je revalidatie kunnen zijn:
– Een stijve knie met buigen en/of strekken.
– Aanhoudende pijnklachten die niet goed reageren op fysiotherapie
– Pijnklachten rond de knieschijf (veel voorkomend, maar goed te behandelen)
– Overbelaste knie door te hoge belasting in het dagelijks leven
– Te progressieve opbouw van de trainingsbelasting
– Uitglijden of vallen 

Een revisie is een complex en grote ingreep voor het kniegewricht. Er is meer geduld nodig m.b.t aanhoudende pijn, stijfheid en zwelling. Discipline met het doen van leefregels en huiswerkoefeningen is belangrijk om het optimale effect van de operatie te behalen.

Lees meer

Voor een revisie gelden dezelfde risico’s als voor een eerste knieprothese.

Wanneer een revisie moet plaatsvinden in verband met een infectie start een complexe procedure. Ten eerste moet de prothese verwijderd worden. De knie wordt gespoeld en schoongemaakt. Daarnaast worden antibiotica toegediend. De operatie verloopt in een twee fasen procedure. Een tijdelijke prothese wordt geplaatst tot de infectie onder controle is. In de tweede fase wordt de revisie uitgevoerd.

Frequently asked questions

Hoe ontstaan mijn klachten?

De knie bestaat uit twee grote botten en een knieschijf. Waar de botten samenkomen en met elkaar bewegen zit een laag kraakbeen. Artrose is niets anders dan het dunner worden van deze kraakbeenlaag. Het kraakbeen kan dusdanig slijten dat op den duur de hele laag verdwenen is.  

Kraakbeen heeft de functie van een schokdemper. Ontbreekt de schokdemper, dan kan bewegen pijn doen. Daarnaast kan een schurend geluid gehoord worden, en zwelling en stijfheid ontstaan. Het gevolg hiervan is het afname van spierkracht en coördinatie. Een ander effect van het dunner worden van het kraakbeen is dat er meer speling ontstaat. Een standafwijking van een O- of X- been kan hierbij voorkomen.

Hoelang blijft de knie pijnlijk?

Hoeveel pijn je hebt en ervaart, verschilt van mens tot mens. Direct en enkele dagen na de operatie gebruik je voldoende pijnmedicatie en is de pijn goed te onderdrukken. Toch zal je pijn ervaren van de operatie in de knie, maar vaak ook in de spieren rondom de knie. De bloeduitstorting en oedeem geven druk in het onderbeen, wat ervaren kan worden als pijn. Gaandeweg de eerste weken neemt de pijn af. Het is hierbij belangrijk om de belasting goed af te stemmen op de belastbaarheid van de knie. Hierbij kan een fysiotherapeut je begeleiden. Doordat je gericht aan het trainen bent, kan de knie ook tijdens je herstel wisselend meer of minder pijn doen. Dit kan in combinatie met toenemende zwelling in de knie 12 tot 18 maanden ervaren worden. 

Hoelang blijft de knie dik?

Direct na de operatie zal de knie gezwollen zijn. Het onderbeen en de enkel zullen ook snel dikker worden als  gevolg van de operatie. Enerzijds heeft de duur van de zwelling te maken met de biologie van het lichaam. De ene persoon herstelt sneller dan de ander. Roken heeft bijvoorbeeld een slecht effect op de circulatie. Na verloop van tijd is de operatie zwelling hersteld, maar kan de knie nog afwisselend meer pijn doen en zwellen door het onvoldoende afstemmen van de belasting op de belastbaarheid van de knie. De balans in de belasting vinden is belangrijk en hier kan de fysiotherapeut bij helpen. Het is niet vreemd als de knie na 12 maanden nog steeds reageert na een hogere belasting.

Wanneer heb ik een nieuwe knie nodig?

Een prothese is een ‘kunst’ knie en geen ‘nieuwe’ knie. Daarom zal een prothese nooit als je eigen knie aanvoelen. De operatie is zwaar en bovendien heeft een prothese een bepaalde levensduur. Jonge mensen zijn over het algemeen actiever,  waardoor de prothese sneller kan slijten. Overgewicht speelt een rol op de levensduur en  bij een BMI van >38 wordt de operatie niet eens uitgevoerd. Het eventueel uitstellen van de operatie en het scheppen van voorwaarden voor het beste resultaat is dus belangrijk.

Stap één: advies met betrekking tot belasting/belastbaarheid, dan wel in combinatie met fysiotherapie. 

Stap twee: een injectie in de knie met pijn en ontstekingsremmers. De fysiotherapie kan weer opgepakt worden.

Stap drie: herhalen van stap 2.

Stap vier: een prothese bespreekbaar maken.

Voor het plaatsen van de prothese moet er op de röntgenfoto slijtage zichtbaar zijn in relatie tot de klachten die iemand ervaart. Je wordt bijvoorbeeld wakker van de pijn en ’s ochtends heb je de tijd nodig om de stijfheid eruit te bewegen. Ook komt het voor dat de loopafstand flink beperkt is waardoor normaal functioneren niet meer gaat. Dit is het moment dat een prothese bespreekbaar zal zijn met de orthopeed.

Wat is het gevolg van een infectie?

Wanneer de knie direct (<6 weken) na de operatie geïnfecteerd raakt, is er een goede kans dat de prothese  door een gerichte behandeling (spoelen en antibiotica) kan blijven zitten. Raakt de prothese in een later stadium ontstoken, dan moet de prothese er meestal uit. De knie zal ook nu gespoeld moeten worden en er wordt een kuur met antibiotica gestart. Zodra de infectie onder controle is, kan de prothese teruggeplaatst worden. Dit proces kan 6 tot 12 weken duren. Een uiterst alternatief is het vastzetten van de knie (artrodese).

hoe lang duurt de revalidatie?

De knierevalidatie duurt tussen de 3 en 12 maanden, maar kan in enkele gevallen anderhalf jaar duren. Een stijve knie en wisselende zwelling kunnen 1,5 tot 2 jaar na de operatie aanhouden.

Hoeveel moet ik oefenen de eerste 6 weken na de operatie?

In het ziekenhuis krijg je de eerste oefeningen. Het is belangrijk om bij thuiskomst snel te starten met je eigen fysiotherapeut. De fysiotherapeut zal vertellen welke oefeningen belangrijk zijn en hoe vaak de oefeningen gedaan moeten worden. Een algemeen advies is om drie tot vijf keer per dag je oefenprogramma te doorlopen. De eerste dagen zal je vooral bezig zijn met het herstellen van de operatie, maar gaandeweg de weken probeer je de knie vaker dan die vijf keer per dag soepel te houden. Vergeet ook de rest van het lichaam niet. De hele dag stilzitten zal resulteren in rug- of andere gewrichtsklachten. Wordt de knie dikker en pijnlijker, dan ben je te actief bezig. Bespreek met je fysiotherapeut de dosering van de belasting.

Wanneer mag je weer?

Autorijden mag weer als je kan lopen zonder krukken en je voldoende controle hebt over het been. Veilig deelnemen aan het verkeer is belangrijk. Overleg daarom altijd met je fysiotherapeut of het weer kan. 

Voor fietsen geldt hetzelfde als voor autorijden. Extra voorwaarden zijn dat de knie voldoende kan buigen om te kunnen trappen en er voldoende kracht in de beenspieren aanwezig is. Gemiddeld genomen kan je na zes weken weer buiten fietsen. Zet het zadel in het begin wat lager zodat je makkelijk bij de grond kan en oefen eerst een paar kleine stukjes. Overleg ook met je fysiotherapeut of buiten fietsen weer mogelijk is. 

NB.Op een hometrainer kan gestart worden ongeveer 2 weken na de operatie. 

Zwemmen mag na het verwijderen van de hechtingen of krammen. De wond moet goed gesloten, droog en hersteld zijn. Ook hier geldt: bespreek het eerst met je fysiotherapeut. 

De wond mag in het begin niet nat worden door te douchen of badderen in verband met het risico op infectie. Douchen kan mits de wond is afgedekt met een waterdichte pleister. Zet de waterstraal niet direct op de knie en probeer het zo droog mogelijk te houden. Het is mogelijk om de pleister extra af te dekken met plastic of bijvoorbeeld een douchezak aan te schaffen. Wanneer de hechtingen of krammen worden verwijderd en de wond is droog en goed geheeld, dan is er geen bezwaar meer om de wond nat te laten worden.

hoelang gaat de prothese mee?

De levensduur van de prothese is ongeveer 10 tot 15, maar door de goede ontwikkelingen wordt die steeds langer. Lichaamsgewicht (overgewicht) en het niveau van activiteiten zijn voornamelijk bepalend voor de levensduur van de prothese. Om die reden wordt bij jongere mensen de prothese zo lang mogelijk uitgesteld. Hierbij wordt natuurlijk de kwaliteit van leven meegewogen in de beslissing.

Wanneer mag je weer?

Autorijden mag weer als je kan lopen zonder krukken en je voldoende controle hebt over het been. Veilig deelnemen aan het verkeer is belangrijk. Overleg daarom altijd met je fysiotherapeut of het weer kan. 

Voor fietsen geldt hetzelfde als voor autorijden. Extra voorwaarden zijn dat de knie voldoende kan buigen om te kunnen trappen en er voldoende kracht in de beenspieren aanwezig is. Gemiddeld genomen kan je na zes weken weer buiten fietsen. Zet het zadel in het begin wat lager zodat je makkelijk bij de grond kan en oefen eerst een paar kleine stukjes. Overleg ook met je fysiotherapeut of buiten fietsen weer mogelijk is. 

NB.Op een hometrainer kan gestart worden ongeveer 2 weken na de operatie. 

Zwemmen mag na het verwijderen van de hechtingen of krammen. De wond moet goed gesloten, droog en hersteld zijn. Ook hier geldt: bespreek het eerst met je fysiotherapeut. 

De wond mag in het begin niet nat worden door te douchen of badderen in verband met het risico op infectie. Douchen kan mits de wond is afgedekt met een waterdichte pleister. Zet de waterstraal niet direct op de knie en probeer het zo droog mogelijk te houden. Het is mogelijk om de pleister extra af te dekken met plastic of bijvoorbeeld een douchezak aan te schaffen. Wanneer de hechtingen of krammen worden verwijderd en de wond is droog en goed geheeld, dan is er geen bezwaar meer om de wond nat te laten worden.

Hoe vaak kan een prothese vervangen worden?

Een knieprothese kan vervangen worden. De reden voor het vervangen zal echter wel van invloed zijn op de complexiteit van de ingreep. De meest voorkomende redenen voor het vervangen van de prothese zijn slijtage en loslating. Het vervangen van de prothese kan in theorie vaker gedaan worden, maar dit komt de kniefunctie en belastbaarheid van de knie over het algemeen niet ten goede.

Hoe mag je slapen?

In het begin na de operatie slaap je gemakkelijker op je rug. Op de zij slapen mag, maar een kussentje tussen de knieën kan prettig zijn. Op de buik slapen kan zodra de wond hersteld is.

Een klikkend geluid?

Wanneer je goed oplet dan maakt bijna elk gewricht wel een geluid. Tijdens het bewegen schuiven de gewrichtsvlakken over elkaar. Hetzelfde gebeurt bij pezen en andere structuren in het lichaam. Er is geen onderzoek bekend, dat klikken en kraken of andere geluiden bestempeld als ‘niet goed’. Het is wél verstandig om een  klikkend geluid dat samengaat met pijn eens te laten bekijken. 

Bij een prothese kan ook een geluid worden waargenomen, doordat twee metalen onderdelen en daartussen een polyethyleen tussenlaag met elkaar bewegen. Deze geluiden zijn misschien gek of eng, maar niet schadelijk voor de prothese. Ze nemen meestal af zodra de kracht van de beenspieren toeneemt.

Hoelang loop je met krukken?

Gemiddeld loop je zes weken met krukken. 

Hoe ver kan je buigen en strekken met een prothese?

Een prothese kan maximaal 130 graden buigen. Gemiddeld wordt 110 tot 120 graden buiging gehaald. De knie moet minimaal 90 graden halen. De hoeveelheid buiging vóór de operatie is een kleine indicatie van wat ná de operatie mogelijk wordt. 

Tijdens het plaatsen van de prothese controleert de orthopeed de buiging. Na de operatie valt de buiging terug door ze zwelling en pijn van de wond. De twee volgende weken wordt verder opgebouwd met de fysiotherapeut en toegewerkt naar 90 graden.

Een strekking van  0 graden (recht) is een vereiste. Door de zwelling kan de strekking in eerste instantie wat beperkt zijn. Deze positie van de knie voelt prettig. Strekken doet pijn, waardoor je tegen de natuur in (niemand houdt van pijn) wil proberen om zo snel mogelijk te gaan strekken. Samen met de fysiotherapeut wordt gewerkt aan het weer leren strekken en buigen van de knie.

Hoelang loop je met krukken?

Gemiddeld loop je zes weken met krukken. 

Kan een controle op de luchthaven problemen veroorzaken?

Met de hedendaagse controles zal de prothese het beveiligingssysteem alarmeren. Meestal volstaat uitleg over de knieprothese. De kans is reëel dat je wordt gefouilleerd door een douanebeambte.

Heb ik zelf invloed op de mate waarin mijn knieën slijten?

Het kraakbeen wordt gevoed door beweging. Dat betekent dat regelmatig en gedoseerd bewegen goed is. Zelfs bij slijtage van het gewricht is het belangrijk om te blijven bewegen. Stil zitten roest! Factoren als overgewicht, intensief sporten en zware werkzaamheden kunnen met de jaren het kraakbeen aantasten. 

Tip: let op je voeding, beweeg regelmatig en oefen je beenspieren!

Zijn er nog andere mogelijkheden dan een kunstknie?

Voor mensen met artrose zijn er best veel behandelmogelijkheden. Wanneer de slijtage nog niet ernstig is, zijn pijnmedicatie en ontstekingsremmers afdoende. Een traject met  fysiotherapie zorgt voor sterkere spieren. Zit de slijtage meer aan de binnen of buitenkant, dan is een standbeencorrectie (osteotomie) een optie. Vroeger werd er nog regelmatig een kijkoperatie gedaan om de knie schoon te maken, maar de effecten hiervan waren niet goed. Een brace die de stand van de knie enigszins corrigeert of een loophulpmiddel zijn simpele, maar veelal goede oplossingen om een stukje mobiliteit weer terug te krijgen. Als de artrose verder gevorderd is, dan behoren een injectie met hyaloronzuur, of pijnstillers en ontstekingsremmers ook tot de mogelijkheden. 

Berichten over gekweekt kraakbeen halen steeds vaker het nieuws. Dit zijn echter oplossingen voor mensen met een lokaal kraakbeendefect, niet niet voor slijtage in het gehele gewricht.

Mag ik met de prothese sporten?

Ook hierover zijn de meningen zeer verdeeld. Sportieve activiteiten met een behoorlijke impact op de prothese kunnen beter worden vermeden. Het kan de levensduur van de prothese in negatieve zin beïnvloeden. Dit geldt bijvoorbeeld voor voetbal, handbal, vechtsporten en hardlopen. Onder meer schaatsen, skiën, fietsen, zwemmen, golf, recreatief tennis en fitness zijn doorgaans niet schadelijk voor de prothese. Het dragen van een sportbrace kan meer zekerheid geven en vermindert het risico op letsel van de kniebanden. Overleg de wens om te sporten altijd met de behandelende specialist.

Kan na een osteotomie nog een prothese worden geplaatst?

Ja. De osteotomie zorgt voor een betere stand van het been en heeft geen negatieve gevolgen voor de prothese. Er kan echter alleen een totale knieprothese worden geplaatst en geen halve knieprothese. Het positieve effect aan een osteotomie is dat deze noodzaak om een prothese te plaatsen soms jaren kan uitstellen.

Is na een halve knieprothese nog een totale prothese mogelijk?

Ja. Maar het is wel noodzakelijk om een zogenaamde revisie-knieprothese te gebruiken, waarbij de kansen op complicaties en een kortere levensduur van de prothese in theorie iets groter zijn. Wanneer de halve knieprothese verwijderd wordt, beschadigt het onderliggende bot en moeten er vaak extra onderdelen aan de nieuwe knie worden toegevoegd om weer een goede fundering voor de prothese te maken. Deze onderdelen kunnen bestaan uit metalen blokjes om het bot op te vullen en een steel die aan de prothese vast komt te zitten, te vergelijken met een heipaal bij de bouw van een huis.

Mag ik met de prothese sporten?

Ook hierover zijn de meningen zeer verdeeld. Sportieve activiteiten met een behoorlijke impact op de prothese kunnen beter worden vermeden. Het kan de levensduur van de prothese in negatieve zin beïnvloeden. Dit geldt bijvoorbeeld voor voetbal, handbal, vechtsporten en hardlopen. Onder meer schaatsen, skiën, fietsen, zwemmen, golf, recreatief tennis en fitness zijn doorgaans niet schadelijk voor de prothese. Het dragen van een sportbrace kan meer zekerheid geven en vermindert het risico op letsel van de kniebanden. Overleg de wens om te sporten altijd met de behandelende specialist.

Kan ik met een knieprothese knielen of hurken?

Meestal zal knielen en hurken niet gaan. Mocht het na de operatie wel mogelijk zijn, dan is het de vraag of het verstandig is om het te proberen. De grote krachten die dan op de kunststof tussenschijf en op de knieschijf komen, kunnen op de lange termijn problemen geven. De mate waarin de prothese na de operatie kan buigen, hangt met name af van de mate waarin de knie voor de operatie kon buigen. In tegenstelling tot een nieuwe heup, waarmee de meeste patiënten weer vrijwel alles kunnen, geeft een prothese uiteindelijk toch nog best veel beperkingen! De meeste mensen ‘voelen’ en hebben het niet over pijn dat ze een ander gewricht hebben. Hoe goed de prothese kan buigen en strekken kan wat tegenvallen en de knie blijft vaak toch wat gevoelig. Nog geen tien procent van de mensen met een nieuwe knie vertelt dat de nieuwe knie aanvoelt alsof het een eigen natuurlijke knie is.